De circulaire over de meerwaardebelasting op financiële activa
Maatschappen
Wie financiële activa inbrengt in een maatschap, is daardoor niet automatisch meerwaardebelasting verschuldigd. Dat is alleen het geval wanneer er bij de inbreng een impliciete ruil plaatsvindt.
Voor de inbreng van aandelen in een vennootschap, bijvoorbeeld een maatschap, kan altijd een beroep worden gedaan op een wettelijke vrijstelling.
Wanneer is er geen impliciete ruil?
De inbreng van identieke financiële activa in een maatschap wordt niet beschouwd als een impliciete ruil. Op het moment van de inbreng is dan ook geen meerwaardebelasting verschuldigd.
Bij de inbreng van verschillende financiële activa kan dat anders zijn.
Stel bijvoorbeeld dat twee personen verschillende financiële activa met een gelijke waarde inbrengen. Economisch gezien wisselen zij dan elk de helft van hun eigen actief tegen de helft van het actief van de andere persoon. Dat wordt beschouwd als een impliciete ruil, waardoor meerwaardebelasting verschuldigd kan zijn.
Ook bij de toetreding van een nieuwe vennoot tijdens de looptijd van de maatschap zal er steeds sprake zijn van een impliciete ruil. Na de ontbinding van de maatschap kan bij een uitonverdeeldheidtreding eveneens sprake zijn van een impliciete ruil van financiële activa, met een mogelijke heffing van meerwaardebelasting tot gevolg.
Afhankelijk van de samenstelling en verdeling van het vermogen van de maatschap kan het dus mogelijk zijn om (tijdelijk) aan de meerwaardebelasting te ontsnappen.
Interne meerwaarden
Het regime van de interne meerwaarden is van toepassing wanneer een aandeelhouder zijn aandelen inbrengt of verkoopt aan een vennootschap waarover hij, alleen of samen met zijn naaste familie, rechtstreeks of onrechtstreeks controle uitoefent.
In dat geval geldt een afzonderlijk tarief van 33% in plaats van het gewone tarief van 10%.
De circulaire brengt hierover een aantal nuttige verduidelijkingen.
Verkoop aan een private-equityvennootschap
Wanneer een aandeelhouder zijn aandelen verkoopt aan een private-equityvennootschap, is er alleen sprake van een interne meerwaarde wanneer de verkopende aandeelhouder, alleen of samen met zijn naaste familie, controle uitoefent over de nieuwe holdingvennootschap.
Is er sprake van gezamenlijke controle met het private-equityfonds?
Dan valt de verrichting niet onder het verhoogde tarief van 33%.
Management buy-out
Bij een management buy-out waarbij het management de meerderheid van het overnamevehikel verwerft en de verkoper slechts een minderheidsbelang behoudt of verkrijgt, geldt het verhoogde tarief van 33% evenmin.
Familiale opvolging
Ook voor de overdracht van aandelen door ouders aan hun kinderen of aan de holdings van hun kinderen, in het kader van een familiale opvolging, geldt het regime van de interne meerwaarden niet.
Levensverzekeringen
Ook spaar- en beleggingsverzekeringen behoren tot de financiële activa die onderworpen zijn aan de meerwaardebelasting. De circulaire bevestigt en verduidelijkt welke verzekeringen precies binnen het toepassingsgebied vallen.
Het gaat om:
- tak 21-, 22- en 26-verzekeringen met een spaarcomponent
- tak 23-beleggingsverzekeringen
- combinaties daarvan onder tak 44
- buitenlandse gelijkaardige contracten, waaronder Luxemburgse "Branche 6"-kapitalisatiecontracten
Zuivere overlijdensdekkingen zonder spaar- of beleggingsdoel worden uitdrukkelijk uitgesloten. Schuldsaldoverzekeringen en uitvaartverzekeringen vallen dus buiten het toepassingsgebied.
Wanneer wordt de meerwaarde belast?
De vereffening bij leven van kapitalen en afkoopwaarden wordt geviseerd door de meerwaardebelasting.
De belastbare meerwaarde wordt berekend op het positieve verschil tussen het uitgekeerde kapitaal of de afkoopwaarde enerzijds en de gestorte premies anderzijds, in de mate dat het kapitaal of de afkoopwaarde dat in verhouding staat tot de premies niet reeds is afgekocht.
Bij een gedeeltelijke afkoop wordt alleen het gedeelte van de premies in rekening gebracht dat evenredig is met het afgekochte deel.
Voor contracten die vóór 1 januari 2026 werden gesloten, geldt als aanschaffingswaarde de inventarisreserve op 31 december 2025, het zogenaamde "fotomoment", verhoogd met de premies die vanaf 1 januari 2026 nog werden gestort.
Een wijziging tussen beleggingsfondsen binnen tak 23 of tak 44 wordt niet beschouwd als een uitkering. Er is op dat moment dus geen sprake van een gerealiseerde meerwaarde.
Ook bij een uitkering aan de begunstigden bij overlijden is geen meerwaardebelasting verschuldigd.
Cryptoactiva
Ook voor cryptoactiva brengt de circulaire meer duidelijkheid.
Elke omwisseling van cryptomunten valt onder het toepassingsgebied van de meerwaardebelasting. Dat geldt zowel voor de omwisseling naar andere cryptomunten als voor de omzetting naar valuta, bijvoorbeeld euro.
Buiten de uitoefening van een beroepswerkzaamheid wordt de belastingplichtige belast volgens het regime van de meerwaardebelasting wanneer de verwezenlijking van de meerwaarde op financiële activa binnen het normale beheer van het privévermogen valt en geen speculatieve handeling betreft.
Veel cryptobeleggers vreesden dat iedere gerealiseerde meerwaarde automatisch als speculatief of als abnormaal beheer zou worden beschouwd, met het tarief van 33% tot gevolg.
De circulaire verduidelijkt dat dit niet automatisch het geval is.
Voor haar beoordeling kan de fiscus rekening houden met een combinatie van factoren, waaronder:
- het aandeel van cryptoactiva in het totale financiële vermogen
- het al dan niet gebruiken van financiering voor de aankoop
- het gebruik van geautomatiseerde processen of software voor de aan- en verkoop
Geen van deze elementen is op zichzelf voldoende. Het is de combinatie van meerdere factoren die kan leiden tot de conclusie dat er sprake is van een abnormaal of speculatief karakter van de verrichting.
Wat als de aanschaffingswaarde niet gekend is?
De wet bepaalt dat wanneer de oorspronkelijk aanschaffingswaarde van het financiële actief niet kan worden aangetoond de belastbare meerwaarde overeenstemt met de ontvangen prijs of waarde. Dit betekent dat de aanschaffingswaarde van het financiële actief geacht wordt nul te bedragen.
De circulaire nuanceert dit:
Volgens de fiscus zal deze nul-fictie slechts zeer uitzonderlijk, als ultimum remedium, worden toegepast. Dat is in het bijzonder relevant voor activa die na 31 december 2025 zijn verworven.
Voor activa die u al vóór 1 januari 2026 in bezit had, hoeft u de oorspronkelijke aankoopprijs niet te bewijzen. U mag terugvallen op de waarde op het zogenaamde fotomoment van 31 december 2025.
U moet daarvoor wel kunnen aantonen dat u het actief vóór die datum al bezat. Dat bewijs mag geleverd worden met alle gangbare bewijsmiddelen, zoals akten, facturen, e-mails, verzekeringsdocumenten, getuigenverklaringen en vermoedens. Alleen de eed is uitgesloten als bewijsmiddel.
Voor beleggingsportefeuilles in vreemde valuta bevestigt de fiscus dat u mag uitgaan van de laatste slotkoers op 31 december 2025 zoals gehanteerd door uw financiële instelling.
Voor goud en goudmunten bevat de circulaire in bijlage een tabel met referentiewaarden per valuta, opgesteld in overleg met de sector de Nationale Bank, waarbij als ijkpunt de door de Nationale Bank gepubliceerde goudprijs op 31.12.2025 werd gebruikt.
Wat betekent dit voor u?
De circulaire brengt op een aantal belangrijke punten welgekomen verduidelijking. Tegelijk wordt duidelijk dat de concrete impact sterk afhankelijk blijft van uw persoonlijke situatie en de manier waarop uw vermogen is opgebouwd.
- Gebruikt of overweegt u een maatschap?
- Plant u een familiale overdracht?
- Of heeft u nog niet alle bewijsstukken verzameld die de waarde en samenstelling van uw portefeuille op 31 december 2025 aantonen?
Dan doet u er goed aan om dit tijdig in kaart te brengen, vóór er zich een realisatie van een meerwaarde aandient.
Zo vermijdt u onaangename fiscale verrassingen achteraf, en behoudt u de mogelijkheid om de verrichting vooraf fiscaal te optimaliseren.
Auteur
Sven Hubrecht (LinkedIn) is advocaat en heeft meer dan 20 jaar ervaring op zak inzake familiale vermogensplanning.
Meer lezen?
Ontdek meer van onze nieuwsartikels omtrent successieplanning.
Blijf goed op de hoogte van de actualiteit over financiële planning. Schrijf u in voor onze maandelijkse nieuwsbrief.
Neem deel aan onze infosessies
De Strategica-experten verwelkomen u graag op een gratis infosessie in uw buurt over de verschillende domeinen van financiële planning.
Niet gevonden wat u zocht?
Plan een vrijblijvend kennismakingsgesprek in om uw persoonlijke situatie te bespreken.