Is een schenking na inbreng van onroerend goed in de huwgemeenschap fiscaal misbruik?
Een vaak toegepaste techniek binnen familiale vermogensplanning is de inbreng van eigen onroerend goed in de huwgemeenschap, gevolgd door een gezamenlijke schenking, door beide echtgenoten, van het ingebrachte goed aan de kinderen. De vraag is dan telkens of fiscaal misbruik voorligt. Het Hof van Cassatie volgde in een arrest van 25 april 2025 de Vlaamse belastingdienst (hierna Vlabel), maar dat betekent nog niet dat er steeds sprake is van fiscaal misbruik.
In dit artikel geef ik een antwoord op veelgestelde vragen over deze techniek en de gevolgen van de recente uitspraak van het Hof van Cassatie.
|
In het kort:
|
Hoe zorgt deze techniek voor fiscale optimalisatie?
Deze techniek kan een fiscaal voordeel opleveren, meer bepaald een verlaging van de schenkbelasting.
De tarieven van de schenkbelasting voor onroerend goed zijn in de drie gewesten progressief. Dit betekent dat de tarieven van de schenkbelasting stijgen in functie van de waarde van het geschonken goed.
De progressieve tarieven worden bovendien toegepast per schenking. Door onroerend goed in te brengen in de huwgemeenschap zijn er naderhand twee schenkers (vader en moeder) in plaats van één. De kinderen kunnen dan tweemaal genieten van de laagste schijven van de progressieve tarieven.
Wanneer is er sprake van fiscaal misbruik?
In de administratieve Omzendbrief 2015/1 over fiscaal misbruik werd de inbreng van een goed in het gemeenschappelijk vermogen door één echtgenoot onmiddellijk of binnen een korte tijdspanne gevolgd door de schenking van dit goed door beide echtgenoten op de zwarte lijst geplaatst.
De Vlaamse belastingdienst gaat er in dergelijk geval van uit dat het bekomen van een aanzienlijke belastingbesparing de enige beweegreden is om deze rechtshandeling te stellen.
De belastingplichtige moet volgens Vlabel bewijzen dat de inbreng in het gemeenschappelijk vermogen voorafgaand aan de schenking, te verantwoorden is door andere motieven dan het ontwijken van hogere schenkbelasting. Is dat niet het geval, dan houdt Vlabel geen rekening met de inbreng in de huwgemeenschap en wordt de schenking belast alsof de echtgenoot die de inbreng deed, nog steeds alleen schenkt.
De casus
In de zaak waarover het Hof van Cassatie zich uitsprak, had een echtgenoot jaren terug vijf onroerende goederen verkregen via schenkingen en erfenis. Hij bracht deze in het toegevoegd intern gemeenschappelijk vermogen. Ongeveer 9 maanden na deze inbreng schonken beide echtgenoten vier van de vijf onroerende goederen met voorbehoud van vruchtgebruik aan de kinderen. Vlabel oordeelde dat er in dit geval sprake was van fiscaal misbruik en dat de belastingplichtigen (zijnde de begunstigden) er niet in geslaagd waren het tegendeel te bewijzen. Vlabel werd daarin gevolgd door het Hof van Beroep te Gent (arrest van 25 oktober 2022).
Het arrest van het Hof van Cassatie
De begunstigden van de schenking trokken vervolgens naar het Hof van Cassatie en brachten volgende argumenten aan:
-
Er kan maar sprake zijn van fiscaal misbruik in de zin van artikel 3.17.0.0.2 Vlaamse Codex Fiscaliteit wanneer de belastingplichtige effectief alle relevante rechtshandelingen zelf heeft gesteld. Bij de besproken planningstechniek is dit niet het geval. De kinderen-begiftigden zijn immers geen contractspartij bij de voorafgaande inbreng in de huwgemeenschap. Het Hof van Cassatie oordeelde echter dat het voor fiscaal misbruik niet is vereist dat de belastingplichtige betrokken was bij alle rechtshandelingen.
-
De eisers beweerden dat uit de wetsartikelen die door het Hof van Beroep werden aangehaald en de voorbereidende documenten nergens blijkt dat het de bedoeling is dat de schenking van onroerende goederen progressief wordt belast (met hogere tarieven bij hogere bedragen). Ook dat argument werd verworpen: het Hof van Cassatie oordeelde dat uit de wettekst (zijnde artikel 2.8.4.1.1, § 1, Vlaamse Codex Fiscaliteit) zelf en de daarin vermelde tabellen blijkt dat het de bedoeling is om onroerende schenkingen progressief te belasten. Elke poging om deze progressiviteit te doorbreken komt daarom neer op fiscaal misbruik.
Wat betekent dit in de praktijk?
Als er voldoende tijd is tussen de inbreng en de schenking, beroept Vlabel zich niet op fiscaal misbruik. Een “korte tijdspanne” in deze is niet expliciet gedefinieerd. In de praktijk blijkt dat een tussentijd van minder dan drie jaar doorgaans problematisch is voor Vlabel.
Als er volgens Vlabel sprake is van fiscaal misbruik, dan is het nog steeds mogelijk het tegenbewijs te leveren door voldoende zwaarwichtige en geloofwaardige niet-fiscale motieven aan te brengen. De niet-fiscale motieven moeten specifiek betrekking hebben op de voorliggende casus en mogen niet zeer algemeen zijn zodat ze in feite gelden voor elke casus.
Het arrest van het Hof van Cassatie doet geen afbreuk aan het gegeven dat fiscaal misbruik kan worden vermeden zoals hierboven vermeld.
Als u zekerheid wenst vooraleer u de rechtshandelingen stelt, kan u tot slot een voorafgaande beslissing vragen bij Vlabel.
Fiscaal misbruik of niet? Laat u begeleiden door fiscaal-juridische experten
De besproken planningstechniek vormt dus niet altijd fiscaal misbruik. Een grondige analyse van uw persoonlijke situatie is dan ook noodzakelijk wanneer u deze techniek overweegt in het kader van uw persoonlijk vermogens- en successieplan. Neem vrijblijvend contact op met een financieel en fiscaal-juridisch expert van Strategica voor advies op maat. Dit is de eerste stap in de juiste richting voor uw persoonlijk financieel plan.
Auteur
Sven Hubrecht (LinkedIn) is advocaat en heeft meer dan 20 jaar ervaring op zak inzake familiale vermogensplanning.
Blijf geïnformeerd
Blijf op de hoogte van de actualiteit over financiële planning. Schrijf u in voor onze maandelijkse nieuwsbrief.
Ontdek meer van onze nieuwsartikels omtrent vermogens- en successieplanning.
Neem deel aan onze infosessies
De Strategica-experten komen wekelijks aan het woord tijdens onze gratis infosessies over de verschillende domeinen van financiële planning.